Column | Haus in den Wolken

Stadskanaal

Morgen vertrekken wij voor een paar dagen naar de camping. Eigenlijk wilden wij rozen snoeien en gras verticuteren. Dat is wat aan de late kant ja, maar er zijn ook altijd zoveel andere verleidingen en verplichtingen in het weekend. Gelukkig komt vriend Goedhart zich over de tuin ontfermen. En eerlijk is eerlijk: hij kan dat veel beter dan wij.

In februari erfden we een oud maar degelijk chalet. Elk cliché was erop van toepassing: plastic bloemen in de groezelige vensterbanken, blank gelakte schrootjeswanden en dito plafonds. Buiten, in het door mos overwoekerde gras, stonden verweerde tuinkabouters met rimpelige mopsneusjes die afgebladderde kruiwagentjes duwden. Kortom, Sneeuwwitje wou er dood nog niet gevonden worden. Een duifblauw gebeitste blokhut en omheining in dezelfde kleur, gaven het perceel nog enigszins cachet. We hadden het meteen verpatst, ware het niet dat vriend Goedhart net door zijn vrouw en schoonvader op straat was gezet (het prachtige landhuis waarin hij woonde was van zijn schoonvader, evenals het hoveniersbedrijf waar hij opeens als boventallig mocht vertrekken). De camping op het Duitse platteland leek hem de ideale plek om in alle eenzaamheid eens diepgravend zelfonderzoek te doen en zijn leven weer op de rails te zetten. Daar was hij gauw klaar mee. Samen met twee kordate dochters, die hem een dag bezochten, ontdeed hij in no time 'Haus in den Wolken' van tuinkabouters en kapotte plantenbakken, waarna hij definitief de online zelfhulp tools inruilde voor zijn echte, goed gevulde gereedschapskist. Hij verticuteerde en kluste dat het een aard had. Eind maart aanschouwden wij sprakeloos hoe zowel het chalet als vriend Goedhart uit hun as herrezen waren. Gezeten op de veranda laafden wij ons aan het eerste verlegen voorjaarszonnetje en het spraakwater van vriend Goedhart waar geen woord tussen te krijgen was. "Jullie huisje was niet het enige dat wel een oppepper kon gebruiken." Hij wees naar de overkant. "Dáár heb ik de kozijnen geverfd. Die mensen staan hier al veertig jaar. Hun dochter wil met haar gezin jullie chalet het weekend na Koningsdag graag huren. Keurige mensen. Echt waar. Zal ik maar zeggen dat dat goed is?" "Nou eh … ja.". Vriend Goedhart: "Da’s dan geregeld. Ga ik wel een paar dagen naar mijn ouders. Volgens mij moeten jullie het chalet aanhouden om te verhuren. Het is een goudmijntje, echt waar!" "Nou eh …ja." Vriend Goedhart: "Het is hier fantástisch! Jullie moeten beslist zelf ook eens een paar dagen komen. Ga ik wel zo lang in jullie huis!" "Nou ja zeg!", riep MijnBetereHelft. Geschrokken bond Goedhart in, maar vervolgde alweer enthousiast. "Als we nou het weekend van Bevrijdingsdag plannen, dan kan ik mooi jullie rozen snoeien en het gras verticuteren. Wedden dat je dat tegen die tijd nog niet gedaan hebt?" Rie Strikken

Auteur

Paul Abrahams