Hemd van het lijf met rocker en singer-songwriter Edwin Jongedijk

GIETEN - Medewerker Rie Strikken van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek en Westerwolde het hemd van het lijf. In aflevering 57 is het de beurt aan Edwin Jongedijk uit Gieten.

Wanneer ben je geboren?

Op 24 juni 1976. In Noordwolde, gemeente Weststellingwerf. Ik heb een zus die anderhalf jaar jonger is. Mijn moeder was fulltime huisvrouw, mijn vader was planner bij een transport bedrijf. In Noordwolde ging ik naar de basisschool. De MAVO en later de HAVO deed ik op het RSG Steenwijk, wij woonden toen in Wilhelminaoord. Ik heb zeven jaar over die middelbare school gedaan: in 1995 kwam ik in de auto naar het eindexamen, negentien jaar oud.

Marechaussee

Mijn opa was bij de douane, mijn vader dus bij een transportbedrijf. Daar keek ik van jongs af aan tegenop. Ik wilde óf bij de politie óf vrachtwagenchauffeur worden. Het werd de marechaussee. En daar heb ik ook mijn vrachtwagen rijbewijs gehaald. Nu nog: als er met een verhuizing of zo een vrachtwagen aan te pas moet komen dan geniet ik. Mooi even op zo’n truck.

Na de opleiding in de Willem III kazerne werd ik gestationeerd als paleiswacht bij Soestdijk, in 1996. Ze leefden beide nog, Juliana en Bernhard. Dat was een prachtige tijd. Kasteel Drakensteyn werd op dat moment niet bewoond, maar moest wel bewaakt worden. Dat was helemaal relaxed. Je zat daar met zes groepen van twaalf man in de kazerne. Er was een bar, een dojo, je kon er sporten. Daar hebben we heel wat af geouwehoerd met mekaar.

Daarna zat ik twee keer een half jaar in Brussel, bij de NAVO. Diplomatieke beveiliging. Moesten we bijvoorbeeld post uitwisselen. Reden we van Brussel naar Breda om diplomatieke post op te halen om terug in Brussel die te bezorgen bij ambassades en andere diplomatieke instanties. Het waren weliswaar lange dagen, van zeven uur ’s morgens tot zeven uur ’s avonds, maar het was een week op-week af schema. In de vrije week had je tijd voor allerlei andere dingen.

Eerste liedjes

In Brussel ben ik voor het eerst muziek gaan schrijven, in het Engels. Op mijn achtste had ik al drumles gehad, toen ik vijftien was heb ik mijn eerste gitaar overgenomen van een vriend en een jaar later zat ik in een band. Die zong Nederlandstalig, The Scene, De Dijk, dat werk. Dat was niet zo mijn stijl. In die tijd werd ik beïnvloed door twee soorten muziek: het echte hardrockwerk, ACDC, Kiss, en wat ik bij pa en ma thuis hoorde, melodieuze muziek van The Byrds, Elvis, Beach Boys. Nee, Rolling Stones en Beatles vond ik niet veel aan.

Halverwege mijn marechaussee tijd kwam dat bandje weer bij mekaar en speelden we op motorfeesten, festivals en zo. Blues vooral en rock and roll. Dat ging er soms ruig aan toe, met veel energie, zeg maar.

In de Brusseltijd vond ik Elvis en country helemaal te gek. Ik ging me veel meer verdiepen in Waylon Jennings, Kris Kristofferson en Johnny Cash. De nieuwe, beetje alternatieve Americana stroming vond ik ook steeds mooier. De outlaw country, vroeger noemden ze dat de progressieve country. En ik ontdekte de singer-songwriters.

Inmiddels had ik van 2000 tot 2002 de Politieacademie in Lochem gedaan. Ik kreeg een baan in Veendam en kocht een huis in Nieuwe Pekela.

Taneytown

In 2003 hebben we een band geformeerd. Taneytown heet die. Naar een liedje van Steve Earle. Dat is een toonaangevende singer-songwriter. Hij maakte americana. Taneytown is een stadje in de Amerikaanse staat Maryland. Via via is er een artikel over onze band terecht gekomen in de Taneytown Record, een plaatselijke krant. In een koffiehuis, The Irish Moon, zag een vrouwelijke singer-songwriter daar dus in hun krant een artikel over een jongen uit Nieuwe Pekela met een bandje dat Taneytown heet. Die vrouw had een vriend uit Delfzijl, of all places.

Met zijn tweeën zochten ze een huis in de buurt van haar woonplaats Baltimore en zo was zij zestig kilometer verderop in Taneytown verzeild geraakt. Haar vriend was redacteur van popmagazine 'Heaven'. Die man kwam naar mij toe in Veendam en als resultaat hebben we tussen 2006 en 2008 zelfs vier tourtjes in Amerika gedaan. In 2016 zijn we er met de band nog een keer geweest en ik heb er de afgelopen jaren een paar keer solo gespeeld. Ook hebben we met Taneytown een aantal jaren regelmatig in Duitsland opgetreden.

In Veendam was ik als politieman begonnen op straat, in de surveillancedienst, maar inmiddels had ik een 8.00 tot 17.00 uur baan en in mijn vrije tijd was ik helemaal gefocust op muziek. Americana; Johnny Cash en Bruce Springsteen waren mijn helden. Ze zeggen dat mijn stem soms op die van Bruce Springsteen lijkt, vooral als ik covers doe van hem. Met Taneytown hebben we inmiddels vier cd's gemaakt.

Groningse muziek

In het najaar van 2009 zat ik thuis in Pekel met m’n gitaar op de bank en zo ineens kwam er een liedje in het Gronings in mij op.

De tekst begon zo van 't Is kold in huus moar de kachel brandt. De titel werd 'Veurbie'. Van nature heb ik een beetje een melancholische inslag.

Ik ben niet hardcore Gronings opgevoed. Als het er goed op aan komt, vinden de taalpuristen soms dat ik geen goed Gronings praat. Ik maak me er niet zo druk om. Misschien is dat omdat ik uit Weststellingwerf kom, dat ligt in Friesland, maar grenst aan Drenthe en Overijssel. En om in Veendam op straat en Pekel met de buren en in de supermarkt te praten leerde ik toch vlot een soort van Gronings. Nou ja, het is in elk geval duidelijk Nedersaksisch.

Daar hou ik mij als voorzitter van de stichting Reur ook mee bezig. Er is al in samenwerking met RTV Drenthe een Drèents Liedtiesfestival. Zoiets willen wij organiseren, maar dan als Nedersaksisch songfestival, met deelnemers uit het hele Nedersaksisch talige gebied, dus ook Duitsers.

As ik de kaans zol kriegen

Na dat eerste Groningse liedje was het alsof er een laatje in mijn hoofd was opengetrokken: ik kon er zo het ene na het andere nummer uit halen. Iemand had Eric Bats, van RTV Noord, verteld waar ik mee bezig was. Eric kende mij van Taneytown. In december viel er in zijn programma Café Martini wat uit en hij vroeg of ik live wat van mijn Groningstalige nummers wou spelen. Samen met Joost Prinsen heb ik toen onder andere 'As ik de kaans zol kriegen' gespeeld. Toen ging het balletje rollen. Het nummer stond wekenlang in de noord 19 en de laatste jaren altijd op nummer twee of drie in Alle 50 goud.

In januari 2010 heb ik mijn eerste Groningstalige cd opgenomen, in 2013 'Mörn is t weer licht' en in 2016 'Holt en stoal'.

In de band Slow Movin' Outlaws kan ik het rebelse wat er in mij zit mooi kwijt. Lekkere Outlaw Country uit de jaren 70. Verder speel ik nog in De Troebadoers natuurlijk. Sinds 2013 hebben wij vier theatershows en twee cd’s gemaakt.

Mindfull

Dat klinkt misschien alsof ik heel veel onderweg ben, maar dat valt wel mee. De meeste avonden ben ik gewoon thuis bij mijn vriendin. We kenden elkaar via het werk al heel lang, maar sinds acht jaar zijn wij samen. We hebben een dochter van vier en een half jaar.

Het huis in Pekela werd te klein. Op den duur wil ik graag een studio aan huis hebben, mijn vriendin wou graag beesten. De eerste twee varkens, vier kippen en een kat zijn er al. Die studio nog niet. Maar daarom zijn we naar Gieten verhuisd. Een mooi dorp. Je vindt er alles wat je nodig hebt. Nou heb ik niet veel nodig, dus dat scheelt. En de rest bestel ik online, zoals de T-shirts met mijn helden erop. Dit T-shirt wat ik nu aan heb (grote print met afbeelding van zijn held David Allan Coe en verwijzing naar diens eerste album The mysterious rhinestone cowboy, RS) dat bestelde ik in Amerika, die kun je hier nergens krijgen.

Voorlopig heb ik nog wel even wat te doen. Voor mijn huidige functie moet ik formeel een HBO-diploma hebben. Daarom studeer ik Bedrijfskunde aan de Hanzehogeschool. Dat is best te doen.

Ik heb dan wel een beetje een rebelse inslag, maar ik ben over het algemeen heel mindfull. Geen stress. Gras maaien vind ik prachtig. Ik heb een beste lap grond, daar ben ik elke keer zo’n twee en een half uur zoet mee. Muziekje op de koptelefoon, biertje in de cupholder van de zitmaaier en gaan... Mooi man!

Rie Strikken