Hemd van het lijf met Geert Drenth uit Sellingen

SELLINGEN - Medewerker Rie Strikken van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek en Westerwolde het hemd van het lijf.

In aflevering 65 is het de beurt aan verzamelaar Geert Drenth uit Sellingen.

Bij aankomst schudt Geert Drenth uw verslaggever de hand en stelt zich voor met 'welkom bij de op één na grootste verzamelaar van Nederland. Wie de grootste is? Dat mag u zeggen. Ik denk dat ik dat ben, maar ik dek me voor de zekerheid in. U stelt voor om te tutoyeren? Ja hoor, prima. Maar onze generatie doet dat niet vanzelf hè. Moet je over twee uur alweer weg? Nee toch! Vorig jaar was hier een verslaggever van De Telegraaf, die is een hele dag gebleven. Ja, ik ben wel bekend met de media. Vorig jaar nog was ik in een aflevering van 'Verzamelkoorts', dat programma van Kim-Lian van der Meij, en ik was twee keer in Showroom, in 1980 en 2005. In 2012 was 'Man bijt hond' hier. Ook een hele dag…. Je moet nog maar een keer weer komen dan. Ja, laten we maar gauw beginnen. Wil je een kopje koffie?'

Wanneer ben je geboren?

"Op 28 februari 1949. In Ter Apel. Aan de Westerstraat. Toen ik een half jaar oud was zijn we verhuisd naar de Rundestraat. Daar heb ik 37 jaar gewoond. Mijn moeder was huisvrouw, mijn vader was gemeente-ambtenaar, werkte bij de plantsoenendienst. Ik bleef enig kind. Dat heb ik nooit als een gemis ervaren. Ik ga, zoals we dat in het Gronings zeggen, 'mijn eigen kop na'. Vroeger, en nu ook nog. Altijd al gedaan. Na de lagere school in Barnflair en de ULO in Ter Apel vond ik aanvankelijk geen werk. Ik had astma en had twee keer in Beatrixoord gerevalideerd. Er was geen werkgever die het met mij aandurfde.

Verzekeringen

Met hulp van een kruiwagentje kreeg ik een baan bij administratie- en assurantiekantoor Oudman in Sellingen op de afdeling Verzekeringen. Kwitanties beuren en zo, ik was veel bij de weg. Na drie jaar stapte ik over naar Van der Helm kantoorboekhandel in Ter Apel, twee jaar daarna wilde Oudman mij graag terug. Ik heb dat financieel slim gespeeld en ben daar goed uitgesprongen. In 1979 heb ik samen met twee compagnons dat kantoor overgenomen. Acht jaar later ben ik als zelfstandig assurantiekantoor verder gegaan in de voormalige RABO-bank van Sellingen. Alleen, ja. Ik ga in alles het liefst altijd mijn eigen gang. Ik gedij het beste als ik met niemand rekening hoef te houden. Dat was op 1 april 1987. Het pand had ik een paar maanden daarvoor gekocht."

Verzamelingen

"Eindelijk kon ik mijn 216 verzamelingen fatsoenlijk huisvesten: het voormalige bankgebouw beschikte over een grote kluis en een enorme kelder. In de kluis staan onder andere 290 ladekasten, tien boekenkasten en zeventien vitrinekasten, in de kelder staan 85 vitrinekasten en opzetkasten. Ik was 38 jaar, vrijgezel en verzamelde al 26 jaar. Dat kwam zo: toen ik twaalf jaar was brak ik mijn been. Uit verveling ging ik sigarenbandjes sparen. Gewoon in schriftjes. Daar plakte ik ze met een kwastje met Gluton in. Daar kreeg ik zo’n schik aan, dat ik ook postzegels ging verzamelen. Ik heb meer dan 300.000 uit de hele wereld. Vanaf mijn achttiende verving ik de schriftjes door albums. Ik denk niet dat er een land is waar ik geen postzegel van heb."

De oogjes van Geert Drenth glunderen als hij zegt: "Noem maar eens een land." Uw verslaggever zegt de Seychellen. "Hmmm, de Seychellen, ja ja." Kordaat pakt hij een album. "Kijk eens, het zijn er niet veel, maar vijf heb ik er wel. Ik zeg altijd maar zo: verzamelen is een kwestie van goed opbergen en goed weer terug kunnen vinden."

Pronkstukken

"Ik verzamel ook van alles wat met speelkaarten te maken heeft. Dat is wel mijn grootste collectie. Ik heb alleen al 4000 verschillende spellen, 60.000 jokers. En alles waar afbeeldingen op staan: pennen, asbakken, boeken, bikini’s, te veel om op te noemen. Mijn pronkstukken zijn de beelden van tafereeltjes waarop mensen met kaarten aan het spelen zijn. Die vormen de grootste collectie in de kelder.

Op pad

Nog elk weekend ben ik op pad. Naar verzamelmarkten en rommelmarkten. De data en plaatsen vind ik in drie magazines waarop ik geabonneerd ben, twee Nederlandse en een Duitse. Onlangs ben ik om 05.00 uur opgestaan. Om 06.00 uur zat ik in de auto, om 08.15 uur was ik in Nieuwegein. Daar was een specifieke winkelwagenmuntjesbeurs. Ik heb er meer dan 26.500, allemaal op alfabet gerangschikt in albums. Kijk, van automerken bijvoorbeeld. Noem maar eens een automerk en ik heb het. Subaru zeg je? Hmmm. Ja, die moet ik wel hebben.

Hier heb ik Seat, Smart, Suzuki …. Geen Subaru! Geen Subaru??? Hij kan ook nog in mijn bakjes met nieuwe aanwinsten liggen. Die moet ik nog sorteren en in de albums doen. Als je de volgende keer weer komt, dan laat ik het je zien.

Drentini

In 1973 had ik op de autoloze zondag in het Congresgebouw in Den Haag een tentoonstelling over kaarten. Ik overnachtte bij een kennis omdat ik er anders niet kon komen. We zaten de avond tevoren gezellig bij mekaar en onder het genot van een hapje en een drankje liet hij mij wat goocheltrucjes zien. Vanaf dat moment was ik naast het verzamelvirus besmet met het goochelvirus.

Ik heb jarenlang als goochelaar Drentini opgetreden voor schoolklassen, bejaardenhuizen, bruiloften, campings, theaters. De truc 'water uit India' liep als een rode draad door het programma. Er kwamen moeders met hun kinderen naar mijn show en dan zeiden ze dat het een feest der herkenning was: ze herinnerden zich nog het 'Water uit India' van toen zij zelf klein waren.

Een jaar of wat terug ben ik ermee gestopt. Mijn gehoor werd slechter. En dat is lastig. Om te goochelen heb je interactie met het publiek nodig. Dat ging niet meer.

Dat was in dezelfde tijd dat ik stopte met werken, in 2010. Toen kon ik me helemaal toeleggen op het verzamelen. Mijn vrouw had me tot dan toe wel eens geholpen met schoon maken van de kelder en de kluis. Maar sinds mijn pensionering moet ik het zelf doen.

Mijn ouders zijn een half jaar na elkaar overleden, mijn moeder in augustus 1973, vader in maart 1974. Toen had ik niemand meer. Tot mijn 41ste was ik helemaal alleen. Ik hoefde aan niemand rekenschap af te leggen. Ik had wel eens wat scharrelderij, maar zodra het een keer wat serieuzer werd dan moest ik van die vrouwen het verzamelen minderen als ze met mij verder wilden. Nou, dan was het gauw afgelopen. Rika was anders. Wij kenden elkaar vaag uit Ter Apel. Zij was gescheiden en had verzekeringen nodig. En zo kreeg ik contact met haar. Sinds december 1990 wonen wij samen. Zij respecteert mijn verzamelwoede, ging vroeger ook vaak mee, maar nu niet meer. In het weekend breng ik haar een kopje thee op bed, dan zwaai ik met het handje en zeg ik 'doei! Tot vanavond'.

Maar eh … je moet nog even weer in de kluis kijken. Naar mijn enorme verzameling aantekenstrookjes. Van iedere plaats in Nederland heb ik ze. Zelfs het allerkleinste. Als er een postkantoor was tenminste hè… Noem maar eens een plaats. Vlodrop? Nou, dat weet ik niet hoor."

Geert Drenth pakt een album uit de kast. "Als daar een postkantoor was dan moet ie hier in zitten." Hij slaat het album op. Bij de 'V' vinden we Vlodrop. "Kijk eens, twee verschillende zelfs."

Tentoonstelling in bibliotheek Ter Apel

Waarom die vitrines die daar staan leeg zijn wil je weten? Oh, dat zal ik je vertellen. Ik heb op dit moment nog tot eind juni een tentoonstelling in de bibliotheek van Ter Apel. Drie grote vitrinekasten met memorabilia alleen van Ter Apel. Glazen, borden, asbakken, tegeltjes, flessen enzovoort. Teveel om op te noemen. Daarnaast heb ik ook nog 1600 ansichtkaarten van Ter Apel, foto’s, rekeningen, stickers en ga zo maar door. En dat alles verzamel ik ook nog eens van Sellingen en omstreken.

Subaru

Bij het volgende bezoek van uw verslaggever laat Geert Drenth weten dat hij, tot zijn eigen grote verbazing, geen winkelwagenmuntje van Subaru heeft. "De grootste kans is dat het gewoon niet bestaat, maar dat kan ik me haast niet voorstellen…. Kun je in de krant niet een oproep plaatsen of iemand er misschien één een voor mij heeft?"

Rie Strikken