Blik in de bajes: ‘Iedereen heeft recht op medische zorg’

TER APEL - Deze krant mag een kijkje nemen achter de normaal voor buitenstaanders hermetisch afgesloten muren, hekken en deuren van de penitentiaire inrichting (PI) Ter Apel.

In de zesde aflevering van deze reeks aandacht voor de afdeling Zorg.

Een belangrijk kenmerk van een gevangenis is dat er mensen worden opgesloten. Iemand zit er dagen, weken, maanden of zelfs jaren. Betekent ook dat gedetineerden binnen de muren moeten werken, sporten, naar de kapper gaan, naar de bibliotheek, hun geloof moeten kunnen belijden of naar de dokter gaan. Vandaar dat elke bajes een eigen medische dienst heeft waar professionele zorg geboden wordt. Koos Deen is al sinds de opening van PI Ter Apel werkzaam als justitieel verpleegkundige.

Rietdekker

Eerder was Deen werkzaam in een geheel ander sector. Als rietdekker. In die periode werd de basis gelegd voor zijn uiteindelijke carrièremove. “Veel mensen met een rieten dak zijn vaak wat hoger opgeleid. Een aantal werkte bijvoorbeeld als arts. Met die mensen voerde ik soms boeiende gesprekken over hun werk. De medische wereld leek me ontzettend interessant.”

Deen had zijn school niet afgemaakt, dus moest hij eerst opnieuw de schoolbanken in. “In de avonduren ben ik de mavo en havo gaan doen en daarna heb ik een medische opleiding gevolgd. Dat heb ik trouwens samen met mijn vrouw gedaan. Ook zij wilde iets heel anders gaan doen.” Na het behalen van de benodigde papieren kreeg Koos Deen zijn eerste baantje als zorgprofessional. In een psychiatrisch ziekenhuis. Toen de PI Ter Apel in 1998 de deuren opende en personeel zocht, solliciteerde hij daar met succes.

De medische zorg in een gevangenis laat zich het beste vergelijken met een huisartsenpraktijk. Het is eerstelijnszorg waar zonder verwijzing gebruik gemaakt van kan worden. “We hebben een huisarts, een verpleegkundig specialist, een aantal verpleegkundigen, een huisarts praktijkondersteuner, een sociaal psychiatrisch verpleegkundige, een psychiater, psycholoog, tandarts, tandartsassistente en een fysiotherapeut”, zo somt Koos Deen de zorgprofessionals op die werkzaam zijn binnen PI Ter Apel.

Ernstige delicten

Hij mag dan dagelijks één op één contact hebben met gedetineerden, waarvan een aantal ernstige tot zeer ernstige delicten heeft gepleegd, onveilig voelt Deen zich nooit. “Ik denk dat het in een PI veiliger is als bijvoorbeeld op de ambulance. Wanneer er iets gebeurt kan ik op mijn alarmpieper drukken en staan er in een mum van tijd allemaal getrainde collega’s om hulp te bieden.”

Rustig is het zelden bij de medische dienst van PI Ter Apel. “Ik denk dat negentig procent van de gedetineerden in de inrichting bij ons langs komt”, schat Deen. “De meeste klachten die ik tegenkom tijdens mijn spreekuur zijn stress, rug- en buikklachten en drugsgerelateerde klachten. En sportblessures komen veel voor. Er wordt fanatiek gesport in de inrichting, sport is een uitlaatklep voor gedetineerden.”

Een behoorlijk aantal personen dat in de gevangenis zit, kampt met een verslaving. Vaak is dit een drugsverslaving. “Vastzitten betekent dat er afgekickt moet worden, dit kan gepaard gaan met heftige ontwenningsverschijnselen”, weet Deen. “Om de zucht naar bijvoorbeeld heroïnegebruik tegen te gaan, kan een gedetineerde methadon verstrekt krijgen van ons.”

Goede uitleg

In PI Ter Apel verblijven buitenlandse gedetineerden die niet de Nederlandse nationaliteit hebben. Ze zijn afkomstig uit zestig verschillende landen en spreken niet allemaal Nederlands of bijvoorbeeld Engels. Toch lukt het Deen goed om te kunnen communiceren met zijn patiënten. “Ik kan altijd gebruik maken van de tolkentelefoon op mijn bureau. Bovendien heb ik een boek beschikbaar met allemaal tekeningen van het menselijk lichaam waarin allerlei ziektebeelden worden uitgelegd. Via mijn computer kan ik ook van alles opzoeken en laten zien. Internet is wat dat betreft goud waard.”

Hij vervolgt: “Een goede uitleg is erg belangrijk om te voorkomen dat gedetineerden zich onnodig zorgen gaan maken. Dat je in de gevangenis zit heeft vaak ook invloed op je ziektebeeld. De machteloosheid die iemand ervaart wanneer hij zit opgesloten in je cel helpt bijvoorbeeld niet bij hoofdpijn of stressklachten.”

Vanuit de speaker in de spreekkamer waar hij dagelijks zijn patiënten ontvangt, klinkt vaak klassieke muziek. Niet alleen omdat Koos Deen een liefhebber van dit genre is. “Het blijkt dat veel patiënten er ook rustiger van worden. En dat is natuurlijk mooi meegenomen.”

Ziekenhuisbezoek

Uiteraard kan niet alle medische zorg geboden worden binnen de gevangenismuren. Wanneer dit nodig is gaat een gedetineerde naar een ziekenhuis om bijvoorbeeld geopereerd te worden. Uiteraard gelden hiervoor strenge veiligheidsregels. “Een gedetineerde krijgt wel te horen dat hij naar het ziekenhuis moet, maar weet niet waar of wanneer. Dit wordt hem pas kort voor zijn vertrek verteld zodat hij geen mensen van buiten kan informeren die hem zouden kunnen helpen bij een eventuele ontsnappingspoging of hem willen ontmoeten met alle emoties die dat meebrengt. Er gaat beveilingspersoneel mee naar het ziekenhuis, de gedetineerde krijgt een broekstok waardoor hij niet kan rennen en hij krijgt handboeien om. Dit gebeurt op discrete wijze, zodat het niet zichtbaar is. De beveiliging is vaak in burger, we willen er niet mee te koop lopen dat het een gedetineerde is die in het ziekenhuis loopt.”

Net als in een reguliere huisartsenpraktijk is de medische dienst in PI Ter Apel alleen overdag bemenst. Koos Deen: “Heeft een gedetineerde buiten kantoortijden, wanneer hij is ingesloten in de cel, acute pijnklachten, dan wordt de dienstdoende GGD-arts gewaarschuwd door het gevangenispersoneel. Wanneer het nodig is, komt deze een kijkje nemen. We willen natuurlijk niet het risico lopen dat iemand verstoken blijft van medische hulp, wanneer dit noodzakelijk is.”

De gezondheidstoestand van elke gedetineerde wordt nauwlettend in de gaten gehouden. “Wanneer iemand nieuw binnenkomt in de PI houden we een medische intake. Komt een gedetineerde uit een andere gevangenis, dan is zijn medische geschiedenis al bekend. Is dit niet het geval dan zoeken we dit uit. We kunnen bijvoorbeeld bellen met een arts of ziekenhuis waar iemand onder behandeling is geweest. De gedetineerde moet trouwens altijd toestemming geven, anders mag er geen informatie gedeeld worden. Dat heeft alles te maken met het medisch beroepsgeheim.”

Moordenaars

Tussen zijn patiënten zitten ook moordenaars en geweldplegers. Toch heeft Koos Deen geen enkele moeite om deze mensen te helpen wanneer ze lichamelijke klachten hebben. “Iedereen heeft recht op medische zorg. We hebben als Nederlandse overheid een zorgplicht en die geldt voor iedereen. Gelukkig maar.”

Deen voelt zich als een vis in het water in de gevangenis. “Ik heb een hele mooie baan. Elke dag is het weer afwachten wat je meemaakt. Ik werk dagelijks met een kant van de samenleving die er voor zorgt dat je veel genuanceerder kijkt naar zaken. Het is niet altijd zwart-wit, je leert om minder te generaliseren. En ik besef door mijn werk ook heel goed dat ik ontzettend geluk heb dat ik in Nederland ben geboren.”

Drugsvoorlichting op basisscholen

Tijdens zijn werk als justitieel verpleegkundige ziet Koos Deen dagelijks wat de schadelijke gevolgen zijn van drugsgebruik. Als ‘drugskenner’ geeft Deen al tien jaar lang voorlichting voor leerlingen van groep 8. “Dit schooljaar bezoek ik in totaal 27 basisscholen in de hele regio. Ik ben voor het hele jaar al volgeboekt. Wanneer ik dan voor de klas sta vertel ik mijn verhaal over wat ik allemaal heb meegemaakt in de gevangenis op het gebied van drugs. Ik kom met praktijkvoorbeelden, uiteraard zonder namen te noemen. Er wordt veel voorlichting gegeven over alcohol en sigaretten, maar over drugs wordt veel minder verteld. Terwijl de gevaren hiervan groot zijn. Zo is GHB momenteel een groot probleem in deze regio. Het kost bijna niets om dit te maken, dat maakt de kans op gebruik een stuk groter. Ik laat de leerlingen ook altijd vragen stellen. Wat willen ze weten over drugs? Ik wil ze vooral bewust maken van de gevaren van drugs. De boodschap die ik heb voor scholieren is: leer om nee te zeggen.”