Blik in de bajes: badmeester achter tralies

TER APEL - Deze krant mag een kijkje nemen achter de normaal voor buitenstaanders hermetisch afgesloten muren, hekken en deuren van de penitentiaire inrichting (PI) Ter Apel.

In de derde aflevering van deze reeks aandacht voor een opmerkelijke functie binnen de gevangenis: de badmeester.

"Wanneer ik op een verjaardagsfeestje vertel dat ik als badmeester werkzaam ben in een gevangenis worden er heel wat wenkbrauwen opgetrokken", vertelt Rienhart Wolf, die al sinds de opening van PI Ter Apel de functie van badmeester vervult. "Wat? Heeft de gevangenis een zwembad?"

Voor de duidelijkheid: een zwembad is er niet in de gevangenis. Maar dus wel een badmeester. In PI Ter Apel telt de badafdeling vier medewerkers. Naast Rienhart Wolf is ook Jan Tent één van de badmeesters. "De term badmeester komt van vroeger", weet Jan Tent. "Destijds hadden de gevangenisafdelingen waar de cellen zitten geen eigen douches, maar was er een apart badhuis in de gevangenis, waar elke gedetineerde verplicht naar toe moest."

Schoon en veilig

"Tegenwoordig staat het woord 'bad' voor Binnenkomst Afdeling Delinquenten", vertelt Rienhart Wolf, maar die omschrijving is later bedacht. Jan Tent: "Mooi aan onze baan is dat elke dag weer een verrassing is wie je voor je krijgt. Elke gedetineerde die nieuw binnenkomt wordt ontvangen bij ons op de badafdeling. De één is erg gestrest bij aankomst, een ander juist erg relaxed. Wij zijn de eerste personen die ze tegenkomen. Onze voornaamste taak is ervoor te zorgen dat iemand schoon en veilig naar zijn eigen cel kan."

De naam Badafdeling doet nog steeds zijn eer aan, want één van de eerste dingen die gebeurt wanneer er een gedetineerde binnenkomt is dat hij onder de douche moet. Rienhart: "Hygiëne is erg belangrijk. Als je het hebt over de mindere kanten van ons werk, is dit zeker een facet. Het gebeurt wel dat er personen binnenkomen die zich weken niet gewassen hebben… Die moeten wij dan uit de kleren laten gaan voor het douchen en we moeten zijn kleding controleren om te zien of daar geen spullen inzitten die niet mee mogen naar de cel. Aan de andere kant: wanneer iemand wekenlang onder een brug heeft geslapen hier binnenkomt en vervolgens schoon gewassen naar de afdeling gaat, dat is ook wat waard!"

Controle is aan de orde van de dag in een gevangenis en is zeker op de badafdeling één van de belangrijkste zaken. "Wij moeten er voor zorgen dat elke gedetineerde goed gecontroleerd wordt en geen spullen bij zich heeft waar hij kwaad mee kan aanrichten of collega’s of medegedetineerden iets kan aandoen", zegt Jan Tent. Kleding en spullen worden grondig gecheckt, maar ook de persoon zelf. "Wij moeten bijvoorbeeld zeker weten dat iemand niet een telefoon bij zich heeft, drugs of een scherp voorwerp. Gedetineerden worden daarom ook gevisiteerd. Dit houdt in dat ze helemaal uit de kleren moeten. Dan wordt ook gekeken of ze niets in hun haar hebben of in een lichaamsholte."

Schoenzool

Om de spullen te kunnen controleren wordt gebruik gemaakt van een scanband met röntgenapparatuur. Vergelijkbaar met de controles op vliegveld Schiphol. "Wanneer iemand bijvoorbeeld drugs heeft verstopt in een schoenzool of een steekwapen wil invoeren, zien we dat op het beeldscherm. De apparatuur is zo ingesteld dat zaken als drugs en metalen een afwijkend kleurtje hebben, zodat dit meteen opvalt", legt Jan Tent uit. Toch lukt het niet om alle ongewenste spullen, in de gevangeniswereld contrabande genoemd, buiten te houden. Jan Tent: "Zo worden telefoontjes steeds kleiner en zit er ook geen metaal meer in. Tegenwoordig zijn er exemplaren die niet groter zijn dan een usb-stick, die kun je heel makkelijk ergens in stoppen…"

De ene gedetineerde heeft heel veel spullen bij zich als hij zich meldt bij de gevangenis in Ter Apel, een andere juist heel weinig. Rienhart Wolf: "In zijn eigen cel staat alles wat een gedetineerde nodig heeft, daarnaast mag hij een beperkt aantal eigen spullen meenemen zoals kleding. Van belang is namelijk dat de cel overzichtelijk, netjes en veilig blijft. De rest van zijn spullen, we noemen dat de fouillering, wordt opgeslagen in een magazijn op de badafdeling. Een gedetineerde tekent hier ook voor. Zodat hij na zijn vertrek, waarbij hij al zijn spullen weer mee krijgt, niet kan zeggen dat hij bijvoorbeeld een duur horloge mist."

Geen talenwonder

Zeker met de huidige doelgroep zien Jan Tent en Rienhart Wolf personen van allerlei pluimage voorbij komen. In PI Ter Apel zitten de zogenoemde vreemdelingen in strafrecht, oftewel personen die niet de Nederlandse nationaliteit hebben en die een misdrijf hebben gepleegd of die verdacht worden van een misdrijf waarop een gevangenisstraf staat. Omdat ze geen verblijfstatus (meer) hebben, worden ze na hun detentie uitgezet naar hun land van herkomst. 

De bajes in Ter Apel telt zo’n zestig nationaliteiten. Toch hoef je als badmeester geen talenwonder te zijn. "Met Nederlands, Engels en Duits kom je een heel eind. En inmiddels kennen we ook wel bijvoorbeeld de Spaanse of Chinese termen voor 'douchen' of 'uitkleden'. En met je handen en voeten kom je ook een heel eind. Bovendien hebben we nog de tolkentelefoon achter de hand", stelt Rienhart Wolf.  

Het werken in een gevangenis is een serieuze aangelegenheid, maar uiteraard wordt er ook voldoende gelachen. Over het uiterlijk van de beide badmeesters bijvoorbeeld. "We krijgen regelmatig te horen: we begrijpen wel waarom jullie badmeester zijn, je hebt de badmuts al op", lacht Rienhart terwijl hij wijst op de kale schedel van collega Jan Tent en die van hemzelf. 

Integriteit

De 'badmuts' houden ze ook nog wel een tijdje op, als het aan beide mannen ligt. Als het moet zouden ze een boek kunnen schrijven over hun werk. Rienhart: "Ik heb het niet nageteld, maar in al die jaren dat ik als badmeester werkzaam ben in PI Ter Apel heb ik tienduizenden gedetineerden voorbij zien komen. Daar zaten ook bekenden van mij bij. Voor hen is dat ongemakkelijker dan voor mij, ik ben wel wat gewend. Wie? Dat ga ik natuurlijk niet vertellen. Zulke dingen houd je voor je. Integriteit is een groot goed wanneer je werkzaam bent bij het ministerie van Justitie en Veiligheid."

Bang hebben ze zich nog nooit gevoeld tijdens hun werk. Maar beiden zijn ze wel eens bespuugd of zelfs geslagen door een gedetineerde. Gelukkig zonder gevolgen. "Dat spugen of slaan is ook niet tegen ons persoonlijk gericht, het is meer de frustratie die iemand uit richting het justitieel systeem. Gelukkig zijn dergelijke dingen uitzonderingen. De positieve zaken voeren de boventoon. Badmeester zijn in een gevangenis is de mooiste functie binnen justitie", benadrukt Rienhart Wolf. Jan Tent knikt instemmend. "Het is een hele mooie baan met veel afwisseling."

Afnemen vingerafdrukken en DNA

Het afnemen van vingerafdrukken en fotograferen van elke gedetineerde hoort tot de dagelijkse werkzaamheden van een badmeester in de gevangenis. "Dit gebeurt in alle gevangenissen, maar ook op het politiebureau en bij rechtbanken. Op deze wijze kunnen persoonsverwisselingen worden voorkomen. Stel dat iemand door de rechter is veroordeeld tot een gevangenisstraf, dan kan hij niet zijn broer sturen om de straf uit te zitten", legt Rienhart Wolf uit.

Ook het afnemen van DNA-materiaal van gedetineerden hoort tot het takenpakket van de badmeester. "Van alle gedetineerden die veroordeeld zijn voor een ernstig misdrijf wordt standaard DNA afgenomen. Bovendien kan een rechtbank een bevel afgeven om DNA af te nemen van iemand.  Wij doen dit door met een wattenstaafje wangslijmvlies af te nemen. Dit wordt dan opgestuurd naar het Nederlands Forensisch Instituut, het NFI, in Den Haag. Niet elke gedetineerde wil meteen meewerken. We kunnen ze dan in een isoleercel plaatsen waar ze vijf dagen bedenktijd krijgen. Daarna kan onder dwang DNA worden afgenomen. Zo ver is het hier overigens nog nooit gekomen. Vaak verandert een gedetineerde van mening wanneer hij contact heeft gehad met zijn advocaat. Die vertelt hem dat een DNA-afname verplicht is en dat je er dus niet onderuit kunt komen."