Hemd van het lijf met Reind Krikke uit Barnflair (24)

Stadskanaal - Redacteur Paul Abrahams van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek en Westerwolde het hemd van het lijf.

door Paul Abrahams

In aflevering 24 is het de beurt aan Reind Krikke uit Barnflair onder de rook van Ter Apel. Wanneer ben je geboren? Op 15 februari 1955 in het Scheper ziekenhuis in Emmen, maar had toen nog niet die naam. Mijn ouders woonden in Exloo. Ik heb een zus die drie jaar jonger is. Mijn vader werkte op de afdeling financiën van de gemeente Odoorn, werd later hoofd van die afdeling en loco-secretaris. Hij is op 18-jarige leeftijd begonnen als ambtenaar in Heerenveen. Veertig jaar later is hij met pensioen gegaan. Mijn moeder runde het huishouden. Als we van school thuis kwamen, stond de thee klaar met wat lekkers erbij. We woonden op de Westeres van Exloo. 's Morgens en in de namiddag kwam de schaapherder met de kudde voorbij. Dat leek me ook wel een leuke baan: schaapherder. We hadden alle ruimte om te spelen. Samen met vriendjes legden we bijvoorbeeld een fietscrossbaan aan. Ik was lid van de gymnastiekvereniging - mijn vader was penningmeester van de vereniging - en ik heb gevoetbald bij Hunso. Ik was een snelle linkspoot met een goede voorzet. Meer een technische speler dan hard werken en met een smerige broek van het veld stappen na het laatste fluitsignaal. Zeg maar: een type Piet Keizer. Muziekles beginnend met blokfluit hoorde er toen ook bij, maar dat was aan mij niet zo besteed. Later ben ik lid geworden van de tennisvereniging Voevke in Exloo. Ik speelde linkshandig, tennisles was er toen niet bij. Samen met leeftijdgenoten stond ik urenlang op de tennisbaan en we hebben ook meegedaan aan verschillende toernooien, ook districtskampioenschappen. Ik kon aardig leren en samen met enkele klasgenoten deden we de vijfde en zesde klas van de lagere school in één jaar. Op mijn elfde ging ik naar het gemeentelijk Lyceum in Emmen, nu het Esdal College. Het was het laatste jaar van de HBS voor de introductie van Havo en Vwo. Ik vond sporten eerlijk gezegd leuker dan huiswerk maken, maar ik heb uiteindelijk met af en toe wat vaderlijke dwang zonder oponthoud het examen gehaald. In het begin fietsten we naar Emmen, later kreeg ik een brommer: een Garelli. Ik zie me nog rijden met een grote bos haar op de kop, zoals bijna elke jongere in die tijd. In de vakantie ging ik meestal logeren bij een oom en tante in Friesland. Zij runden daar een boerenbedrijf. Ik vond het heerlijk om te helpen op het land of bij het melken van de koeien. Later heb ik nog een zakcentje verdiend met het rooien van proefveldjes op het veredelingsbedrijf Karna in Valthermond, een onderdeel van Avebe. Je hebt gestudeerd in Groningen? Klopt. Na mijn examen heb ik Sociale Geografie gestudeerd aan de Rijksuniversiteit Groningen. Ik heb nog even getwijfeld over de opleiding Fysiotherapie. Ik was nog maar zeventien jaar en mijn ouders wilden persé dat ik in de kost ging. Later ben ik wel op kamers gaan wonen. Ik heb de studie overigens niet afgemaakt, want na drie jaar ben ik overgestapt naar de lerarenopleiding Aardrijkskunde op eerste graad niveau. Ik heb stage gelopen op de Singelland in Drachten. Ik ben trouwens afgekeurd voor militaire dienst. Tijdens het voetballen heb ik ooit een tik op de knie gekregen. Gevolg: veel vocht in de knie. Tijdens de keuring in Groningen kreeg ik van de arts te horen: Ik kan u niet gebruiken. Ik vond dat eerlijk gezegd helemaal niet erg. In die tijd lagen de banen in het onderwijs niet bepaald voor het opscheppen. Ik heb geschreven op vacatures op Texel, in Stadskanaal en in Ter Apel. Ik kreeg van rector Henk Havinga van de, toen nog, Rijksscholengemeenschap in Ter Apel een telefoontje met het verzoek om langs te komen. Ik heb een colbertje en een stropdas gekocht en ben vervolgens met de Fiat Autobianchi naar Ter Apel gereden. Om een lang verhaal kort te maken: ik werd benoemd tot leraar aardrijkskunde voor zestien uur. Enkele dagen later werd ik ook nog gebeld door 'Stadskanaal'. Je bent een echte buitenmens? Ik ben getrouwd met Gea, we hebben twee zoons Alwin en Arno. We hebben een paar jaar in Emmen gewoond en zijn vervolgens verhuisd naar Barnflair. We hebben daar een voormalige kruidenierswinkel gekocht aan het kanaal met 1300 vierkante meter grond en een vijver. We wonen fantastisch in ons paradijs en we verbouwen allerlei groenten en de aardappels zijn net gepoot. Onze twee diepvriezers zitten helemaal vol. Gelukkig vinden we het allebei fijn om in de bloemen- en moestuin te werken. Dat is beslist geen straf. Verder houden we nog tien kippen. De verse eieren zijn populair bij kennissen en ook bij collega's op school. Ze betalen een euro voor een doosje en van dat geld koop ik een broodje kroket op de laatste vrijdag van de maand. Ik ben begonnen met lesgeven toen ik 23 jaar was. Daarnaast heb ik uiteenlopende werkzaamheden verricht op de RSG Ter Apel. Van schooldecaan tot coördinator eindexamens. En niet te vergeten het maken van de schoolroosters. In het begin met behulp van grote planborden en later met behulp van de computer. Uiteindelijk werd ik afdelingsleider Havo/VWO. Je werkt dagelijks met kinderen uit het buitenland? In 2010 kreeg ik een nieuwe uitdaging in de schoot geworpen: locatieleider anderstaligen in Ter Apel. De school is onlangs verhuisd naar de voormalige basisschool Westermarke. Op de school wordt les gegeven aan kinderen uit alle landen van de wereld. Van Mongolië tot Honduras en van Rusland tot Ivoorkust. Leerlingen blijven soms maar enkele weken, soms langer. Ook de niveauverschillen zijn groot. Dat varieert van een jongen uit Irak die tegen het niveau van de universiteit aanschurkt tot een meisje uit Albanië dat nog nooit in de schoolbank heeft gezeten. Dat vraagt veel van de leerkrachten, die op een kleine vaste kern na veelal een tijdelijk contract hebben. Op dit moment wordt les gegeven aan circa 115 kinderen, maar het kan zo maar zijn dat enkele maanden later les wordt gegeven aan zeventig kinderen. Het heeft vanzelfsprekend ook te maken met de internationale ontwikkelingen. Enkele jaren geleden kregen we door de oorlog in Syrië en Irak een enorme toestroom te verwerken. Soms moesten we een tijdje een wachtlijst hanteren, omdat we het aanbod kinderen niet meer konden verwerken. Zodra een kind wordt aangemeld in Ter Apel, dat is de asielhoofdstad van Nederland, gaat het bij ons naar school. Hoe lang het kind in Ter Apel blijft, is altijd maar weer afwachten. Onze drijfveer is om de jongens en meisjes tijdens hun verblijf in Ter Apel zoveel mogelijk te leren, om ze vooruit op weg te helpen. Ieder kind is voor ons gelijk. Het is soms wel eens moeilijk om professioneel te blijven als je hoort wat veel kinderen in de afgelopen jaren allemaal hebben meegemaakt. Het zijn vaak schrijnende verhalen. Natuurlijk raakt je dat diep in je hart. We geven ook les aan kinderen die in het AZC in Musselkanaal verblijven. De beoogde sluiting van het AZC heeft zeker ook gevolgen voor onze school. Ongeveer 30 procent van de leerlingen woont namelijk in het AZC. Een aantal tijdelijke contracten wordt dan ook zeker niet verlengd, hoe jammer ik dat ook vind, want de kunde en bevlogenheid van mijn collega’s waardeer ik zeer. Tuinieren, wandelen en fietsen zijn een goede manier om na schooltijd de gedachten even te verzetten. En: de vakanties naar Zwitserland. Een heerlijk land. Vroeger ben ik ook voorzitter geweest van de plaatselijke voetbalvereniging STA. Ik was de opvolger van rector Henk Havinga die mij indertijd heeft aangenomen. Ik ben twaalf jaar voorzitter geweest. Na de fusie met de zaterdagclub 't Klooster tot FC Ter Apel '96 heb ik het stokje overgedragen. Tijdens mijn periode als voorzitter werden STA en ’t Klooster eens in hetzelfde jaar kampioen.