Hemd van het lijf met Jannes van Rossum uit Gieterveen

GIETERVEEN - Medewerker Rie Strikken van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek en Westerwolde het hemd van het lijf.

In aflevering 53 is het de beurt aan Jannes van Rossum uit Gieterveen.

Wanneer bent u geboren?

Op 21 februari 1942. In Nieuw Roden. Mijn vader komt oorspronkelijk uit Gieterveen, maar was in 1939 een bakkerij in Nieuw Roden begonnen. Na de oorlog, in 1945, zijn mijn ouders weer terug gegaan naar Gieterveen, waar ze de bakkerij van Kramer overgenomen hebben. Daar was ook een kruidenierswinkel bij. Ik heb drie jongere zussen. In Gieterveen ging ik naar de kleuterschool. Over de lagere school heb ik zeven jaar gedaan. Op een nieuwe fiets met drie versnellingen en ….

Steun en toeverlaat

Mevrouw Van Rossum was vanaf het eerste contact bij de voordeur bescheiden, behoedzaam, maar nadrukkelijk aanwezig. Zij mengt zich in het gesprek: "Jannes, niet te veel uitweiden, die fiets daar gaat het eigenlijk niet over. We moeten bij het onderwerp blijven."

Verontschuldigend knikt ze naar uw verslaggever en zegt: "die mevrouw ziet straks door de bomen het bos niet meer."

Iets zegt uw verslaggever dat we hier niet te maken hebben met een bemoeizieke echtgenote. Magriet van Rossum waakt over haar man, is zijn souffleur, zijn steun en toeverlaat.

Druk

Van Rossum, enigszins korzelig: "Ik ben zo blij dat u er bent. Vanaf het moment dat ik wist dat ik in de rubriek Hemd van het Lijf zou komen heb ik al mijn verzamelingen geordend, alles netjes bij elkaar gelegd. De petten bij de petten, de mooiste t-shirts op een stapel, ik heb boven nog veel meer. Nieuws van de regio bewaar ik. Kijk, ik heb een ordner met alle afleveringen van de rubriek Hemd van het Lijf. Ik ben heel druk, ja. Daar heb ik zelf ook vaak last van. Druk in mijn lijf en in mijn hoofd. Altijd al gehad. Als u straks weg bent kan ik alles weer opbergen en dan ben ik weer rustig. Voor even."

Verzamelingen

De voorkamer van het echtpaar Van Rossum is op dit moment totaal in beslag genomen door alle mogelijke verzamelingen: op de salontafel liggen dagboeken vanaf zijn vroegste jeugd, reisverslagen, vooral van Amerika, en petten. Op de hoge tafel ligt pontificaal het middenstandsdiploma uit 1961.

Mevrouw Van Rossum presenteert heerlijke cake en koffie, buigt op een hele natuurlijke wijze de stortvloed aan gegevens van haar man om naar een prettig voortkabbelend gesprek, zoals zij dat vaker zal doen.

"Vertel maar verder van de ULO, Jannes."

Van Rossum vervolgt: "Ik ging dus naar de ULO. Het eerste jaar ben ik blijven zitten, mijn rapport was net een totoformulier. Het tweede jaar ging ik over, maar het derde bleef ik ook weer zitten. Toen moest ik er van mijn vader af. Ik ben bij een boer gaan werken, aardappels krabben. Dat heb ik zes weken gedaan en toen waren mijn vingers helemaal krom. Daarna wou ik naar de bakkersschool, maar door die kromme vingers was het heel moeilijk om deeg te rollen. Na drie dagen ben ik ermee gestopt. Mijn vader zei dat ik het bakkersvak wel in de praktijk kon leren. Niet bij hem, want ik was toen ook al heel druk, dus het leek hem beter dat ik bij een vreemde in de leer ging.

Op mijn zestiende begon ik in Veendam bij een bakker. Dat was echt …Veendammer wind… daar ben ik heel raar weg gekomen. Als bakkersknecht bij bakker Hulskers in Stadskanaal had ik het naar mijn zin, dat was meer een 'gewone' bakker. In die tijd heb ik mijn middenstandsdiploma gehaald.

Na anderhalf jaar moest ik in dienst. Ik zat bij het elitekorps in Vught. Zo lang kon bakker Hulskers natuurlijk niet op mij wachten, dus toen ik uit dienst kwam moest ik op zoek naar ander werk.

Ik heb toen van alles gedaan, sleuven graven bij Postema Kabelwerken, hier in Gieterveen, bij Udema in Gieten, en Marko in Veendam, waar ze schoolmeubilair maken. De Marko, daar heb ik het dertien jaar geweldig naar de zin gehad. In die tijd heb ik een cirkelzaag aangeschaft en heb ik van houtwerk mijn hobby gemaakt. Bedden en kasten maakte ik in mijn vrije tijd. In 1977 was er een grote ontslaggolf en moest ik eruit."

Getrouwd

Was u in 1977 al getrouwd?

Van Rossum: "Ja, in 1971 zijn wij getrouwd. Waar ik Magriet ontmoet heb? In 1969, in Tweede Mond was dat. Daar ging ik naar een toneelavond. Zij speelde in het stuk een koffiejuffrouw. Dat deed ze zo goed, ik dacht: die moet ik hebben."

Mevrouw Van Rossum: Nee Jannes, ik schonk koffie voor het publiek."

Hij, wat wrevelig: "Nou ja, dat zal dan wel. Ik was al 28. Ik was altijd een beetje, hoe zal ik het zeggen, vreemd voor meisjes. Ik snapte ze niet. Maar met Magriet was het goed. We hebben drie dochters."

Mevrouw Van Rossum: "De kinderen zijn gek met Jannes, kom niet aan hun vader!"

Afgekeurd

"Na de Marko heb ik nog lang bij de Spar en Schuitema gewerkt. In 1999 ben ik afgekeurd."

Mevrouw Van Rossum: "In 1980 was mijn man voor het eerst overspannen thuis. Er is de diagnose borderline gesteld, maar wij dachten dat het dat niet was. Er klopte iets niet. Het was psychisch moeilijk. Als we het gevoel hadden dat het weer mis ging, dan nam hij een paar dagen vrij, en gingen we er even tussenuit. Dan kon hij er weer tegen. We ondervonden veel onbegrip. Iemand zei tegen mij: Als ik naar de dokter ga, dan krijg ik een pilletje en ik moet weer verder. Jannes mag altijd direct een tijdje bij huis blijven. Nou, ik zei, je moest eens een weekje met Jannes ruilen. Dan zeg je dat nooit weer.

Uiteindelijk is in 2012 de diagnose autisme gesteld. Dat is het. Alle symptomen herkennen we. Ik heb zelf ook handvatten gekregen waardoor ik er beter mee om kan gaan. Vroeger modderden we maar wat aan. We reisden veel en dat was voor mijn man een geweldige afleiding. We hebben 35 jaar een vouwwagen gehad, later een caravan. We zijn zeven jaar met boeren op reis geweest. Harm Jan Prummel regelde tot kort voor zijn overlijden hele boeiende excursies."

Van Rossum: "Al in 1968 ging ik met mijn vader voor het eerst naar Canada. Daar woonden een zus en zwager van hem.

Toen we 25 jaar getrouwd waren hebben we ongeveer dezelfde reis nog eens gemaakt. Een nichtje van Magriet woonde er inmiddels. Die hebben we ook bezocht.

In 2003 hebben we met een camper 16 dagen een rondreis bij Toronto gemaakt, twee van de dochters waren mee, de derde kon jammer genoeg niet.

De laatste grote reis was in 2012. Ik ben nu bijna 77. Ik heb veertig jaar in het zendingsbestuur van de kerk gezeten, zat 18 jaar in de kerkenraad, in 2012 heb ik het laatste jaar kniepertjes en oliebollen gemaakt, 66 emmers beslag hebben we verwerkt! Doordat ik COPD kreeg moest ik ermee stoppen, maar het was ook goed geweest. Ik ga door met registreren en verzamelen, dat wel. Kennis is macht."

Mevrouw Van Rossum: "Denken is doen voor mijn man… dat was altijd al zo. Ik heb hem vaak gevoelsmatig de hand boven het hoofd gehouden. Maar sinds de diagnose autisme weet ik dat hij er echt niks aan kan doen. Ik heb zelf professionele begeleiding gekregen. Het gevoel van onmacht is minder. En ik kom meer voor mezelf op. Beter laat dan nooit."

Jannes van Rossum doet uw verslaggever uitgeleide naar de auto. We lopen door de strakke tuin. Op de vraag of hij dat allemaal zelf zo mooi onderhoudt antwoordt hij: vroeger deed ik voor meer mensen de tuin, en ook bij de kerk. Nu alleen nog mijn eigen. Ik heb net de bestrating netjes gemaakt. 8000 stenen eruit en er weer in. Maar dan hebben we er weer jaren plezier van. Ik roek t veurjoar al een beetje."

Uw verslaggever beaamt: "Het zel weer veurjoar worden."

Rie Strikken