Hemd van het lijf met verpleegkundige Irma Abrahams-de Vries uit Gieten

GIETEN - Medewerker Rie Strikken van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek en Westerwolde het hemd van het lijf.

In aflevering 54 is het de beurt aan Irma Abrahams uit Gieten.

Wanneer ben je geboren?

Op 4 juli 1961. In Eext. Ik heb een broer die vier jaar jonger is. Mijn vader was onderwijzer. Toen ik twee jaar was zijn we verhuisd naar Gieten, omdat mijn vader daar als leraar ging werken aan de toenmalige ULO. Later werd hij adjunct-directeur van de MAVO. Dat is hij gebleven tot aan zijn pensioen.

Onbekommerde jeugd

Mijn moeder zorgde thuis voor een liefdevolle, veilige basis. Ik heb een heerlijke, onbekommerde jeugd gehad.

Ik ging naar de lagere school en de MAVO in Gieten. Mijn vader gaf Duits, aardrijkskunde en muziek. Het was dus bijna niet te vermijden dat ik bij hem in de klas kwam. Leuk vond ik dat niet. Hij hield school en privé strikt gescheiden. Op school kon je soep kopen voor tien cent. Toen ik eens geld vergeten was vroeg ik hem of hij mij wat kon voorschieten. Dat weigerde ie! Hij zei: "Andere kinderen kunnen hier ook niet hun vader om hulp vragen."

Aan de andere kant konden we bij ons thuis rustig brainstormen wat we zouden uithalen in de eindexamenklas. Hij heeft niets van onze wilde plannen op school verklapt.

Op een gegeven moment besloten we stiekem op school te gaan slapen. Zei ie heel droog: "Misschien wel handig als je een sleutel hebt. Die kan ik wel voor je regelen!" Daar was natuurlijk ook wel eigenbelang bij. Zonder de sleutel hadden we misschien een raam of een deur moeten beschadigen. Zo hield hij de controle.

Zuster

Van jongs af aan wilde ik altijd al zuster worden. Die opleiding kon je starten met zeventien jaar en zeven maanden. Dus toen ik met vijftien jaar van de MAVO kwam moest ik een tijd overbruggen. Dat heb ik met een jaar vormingsklas gedaan. Daar leerden we koken, naaien, strijken. Ik was geen hoogvlieger. Koken is nog steeds niet mijn favoriete bezigheid. Het dagelijkse menu lukt prima hoor, maar verwacht van mij geen culinaire hoogstandjes.

Het was toch een leuk jaar. En de vakken gezondheidszorg en EHBO, die pasten natuurlijk al mooi in mijn straatje. Aan het eind van het jaar was ik nog maar zeventien. Gelukkig had ik tussendoor mijn typediploma gehaald en via mijn vader belandde ik op een notariskantoor in Haren. Daar heb ik een half jaar aktes uitgetikt.

Met zeventien jaar en zeven maanden kon ik eindelijk beginnen aan de opleiding! In het Refaja ziekenhuis. Je moest toen nog verplicht het eerste jaar intern. Een mentrix, mevrouw Tijl, hield daar een oogje in het zeil. Ze zorgde een beetje als een moeder voor ons. Als er tentamens waren dan zorgde zij voor een ruimte waar thee met cake klaar stond en waar we met elkaar in alle rust konden studeren.

Zo braaf was het niet altijd. De wilde verhalen over het zusterhuis zijn niks overdreven hoor. Als je vriendje kwam dan mocht die wel mee naar de kamer, maar hij moest zich eerst voorstellen aan de mentrix en het matras moest op de gang! En om 22.00 uur moest ie weg. Zelf was ik gewoon heel naïef, dus ik hield me daar netjes aan. Maar vriendjes van wat driestere meiden verlieten door de voordeur het zusterhuis en klommen langs de regenpijp omhoog en gingen via het balkon terug naar hun meisje. Ik kon daar wel vreselijk om lachen, maar zelf was ik dus nogal een brave hendrik.

Elke donderdagavond reed ik met de bus naar Gieten op en neer. Daar was ik lid van het Rode Kruis, ik heb ook jarenlang in mijn vakanties op de Henry Dunant meegevaren. Dat was een Rode Kruis schip waar mensen die bijzondere zorg nodig hadden, een fijne vakantie beleefden.

Na anderhalf jaar intern gingen we met drie meiden op een flatje aan de Frieselaan in Stadskanaal wonen. Dat was een geweldige tijd.

Getrouwd

Vlak na het eindexamen, op 24 september 1982, zijn Paul en ik getrouwd. We hadden het er pas nog over, dat we eigenlijk niet meer weten wanneer het nou precies 'aan' was. Zijn zusje was mijn schoolvriendinnetje van de basisschool, dus we kenden elkaar al heel lang. Terwijl mijn vriendin Atje en ik naar de vormingsklas fietsten, reed Paul op een Puch met zo’n Willempie-helm op naar de HAVO in Assen. Niet echt sexy, maar hij trok zich nergens wat van aan. We hadden zo’n zes jaar verkering. Wij waren eigenlijk wel een beetje een gezapig stel. Hadden nog nooit echt heftige dingen meegemaakt. Alles ging zo mooi onverstoorbaar zijn gangetje."

Onverstoorbaar blijft Irma Abrahams ook als, volgens afspraak met uw verslaggever, de fotograaf arriveert. Zijn echtgenote en hij waren op doorreis en namen en passant nog een opdrachtgever mee. De kamer in huize Abrahams, die tot kort daarvoor nog een oase van rust was, herbergt opeens een divers gezelschap. Vriendelijk, rustig, voorziet Irma Abrahams iedereen van koffie en Gieter koek ('een specialiteit van bakkerij Job, hier uit het dorp. Wij zijn er verzot op. Hoe vinden jullie hem?').

Na een genoeglijk half uurtje, waarin zich een geanimeerd gesprek ontspint, en passant foto’s worden gemaakt, gevolgd door een hartelijk afscheid van het gezelschap, wordt het gesprek voortgezet.

Veertig jaar verpleegkundige

"De reden dat we trouwden was vooral dat er in Gieten mooie huurhuizen gebouwd werden. Daar wilden wij graag in. Maar van samenwonen kon geen sprake zijn. Dus toen zijn we maar getrouwd. Een paar jaar later hebben we dit huis gekocht. Ondertussen had ik mijn kraamspecialisatie, (Obstetrie en Gynaecologie was dat toen nog) gehaald. Ik heb een jaar op Chirurgie gewerkt, maar daarna altijd op de kraamafdeling.

Straks op 1 maart zit ik veertig jaar in het vak. Ik had zo graag dat jubileum in 'mijn' Refaja gevierd. Het doet pijn dat dat niet kan. We hadden een prachtig team. Er heerste zo’n gevoel van saamhorigheid onder ons Refajanen! Na de opheffing van de afdeling heb ik Treant verlaten. Sinds november vorig jaar werk ik in het Wilhelmina ziekenhuis in Assen. Ook weer op de kraamafdeling. Zwangerschap en bevallen, dat is mijn passie. Het wonder van nieuw leven blijft mij fascineren.

Zelf hebben wij twee kinderen. Onze zoon Tom is in 1989 geboren, onze dochter Nikki in 1993. Mijn moeder heeft korte tijd opgepast, maar daarna was jarenlang Jet onze vaste oppas. Ik zou elke moeder een oppas wensen als Jet. Als ik thuis kwam, dan was dat altijd in een opgeruimd huis, met tevreden, blije kinderen.

Ik vind het heel leuk dat onze beide kinderen ook in de zorg zijn terecht gekomen. Tom als muziektherapeut en Nikki als doktersassistente en praktijkondersteuner.

Naast mijn werk in het Refaja ziekenhuis gaf ik voorlichtingsavonden en ben ik sinds vier jaar zwangerschapsdocent. Het is natuurlijk niet altijd alleen maar rozengeur en maneschijn, zwangerschap en bevallen. Naast intense vreugde is er onmetelijk verdriet als het niet goed gaat. En ook daarin wil ik de ouders zo goed mogelijk bijstaan.

Toneel

Een uitlaatklep is voor mij het toneel. Het geeft me veel energie, maar kost me ook veel energie. Paul steunt mij daarin. Hij regelt de pr en doet heel wat hand- en spandiensten voor de toneelvereniging. Ik speel al jaren bij Helmers. Afgelopen zomer hadden we bij gelegenheid van het 150-jarig bestaan de monsterproductie 'Het varkensparadijs'. Vijf keer uitverkocht, 1250 mensen op de tribune.

Vanuit Helmers speel ik bij het Molentheater. Theatergroep 'Wij' van Maters en Roberti doet ook wel eens een beroep op mij voor een project. En dan is er nog het jeugdtheater Tikotaria. Per seizoen verzorgen we zeven voorstellingen voor verschillende basisscholen in de gemeente Aa en Hunze.

Trouwambtenaar

Rond mijn vijftigste had ik een beetje het gevoel dat ik misschien eens iets anders moest gaan doen. Maar wat? Ik hield advertenties in de gaten, kon mijn draai er niet zo bij vinden… Tot op een dag Paul zei: "Er staat een vacature voor jou in de krant." Ik bladerde de krant door en zei: "Oh, die van Thuiszorg zeker… Mwah, daar heb ik geloof ik niet zo’n zin in." Hij pakte de pagina en tikte met zijn vinger op een advertentie van de gemeente. Ze zochten een trouwambtenaar! Nou, sinds negen jaar ben ik Babs, buitengewoon ambtenaar burgerlijke stand.

Net als in mijn werk als verpleegkundige mag ik ook als trouwambtenaar delen in een groot intiem moment in het leven van twee mensen. Momenten waarop de liefde voor iedereen voelbaar is. Werkelijk fantastisch om te mogen doen. Het is al een paar keer voorgekomen dat ouders bij een bevalling zeggen: "Hey, zuster, wij kennen u. U hebt ons indertijd getrouwd!"

Rie Strikken