Hemd van het lijf met Roelof Kuik uit Stadskanaal

STADSKANAAL

Redacteur Paul Abrahams van de leukste krant in de regio vraagt elke week een inwoner van de Kanaalstreek en Westerwolde het hemd van het lijf.

door Paul Abrahams

In aflevering 35 is het de beurt aan Roelof Kuik uit Stadskanaal.

Wanneer ben je geboren?

Op 4 november 1951 in Zuidlaren. Ik heb een jongere zus en een jongere broer. We woonden (na het overlijden van oma) bij mijn opa die klerk was op het notariskantoor in het dorp. Opa hij heeft ook een Koninklijke Onderscheiding gekregen - en woonde in een huis met meer dan voldoende ruimte. Mijn moeder regelde het huishouden en mijn vader werkte in het kledingmagazijn Piet van den Brul aan de Herestraat in Groningen, de voorloper van Peek & Cloppenburg. Hij ging met de bus van de GADO naar zijn werk en soms stapte hij met mooi weer op de fiets.

Toen ik vier jaar was, zijn we verhuisd naar Huizen in het Gooi. Mijn vader wilde dolgraag studeren aan de Kleinkunst Academie. Hij werd toegelaten in Amsterdam. Naast zijn studie werkte hij in een kledingwinkel in Amsterdam. Later zijn we ook verhuisd naar Amsterdam-West. Mijn moeder was absoluut geen stadsmens, ze hield van het dorp. Daarom zijn we teruggekeerd naar Zuidlaren. Mijn vader kon weer aan de slag in de kledingwinkel in Groningen. Daarnaast was hij regisseur van verschillende toneelverenigingen in de regio.

Begin 1968 heeft mijn vader gesolliciteerd op de functie van directeur van het Geert Teis Centrum. De belangstelling was overweldigend, maar toch hebben ze mijn vader aangenomen. Ik kan me nog herinneren dat verslaggevers van de krant 's avonds belden. Ik heb de knipsels altijd bewaard.

De inwoners van Stadskanaal stonden niet bepaald te juichen toen besloten werd - mede op nadrukkelijk verzoek van Philips - om het Geert Teis Centrum te bouwen met 600 stoelen. Destijds midden in een weiland. 'Wat moet Stadskanaal nou met zo'n groot theater?' We hebben toch Hotel Dopper en genoeg cafés met een podium?'

Verkoop tickets liep als een tierelier

Een hele uitdaging voor mijn vader die in maart de sleutel kreeg, terwijl de bouwvakkers nog aan het werk waren. In enkele maanden tijd moest bovendien een programma worden samengesteld met voor ieder wat wils. Van opera tot een revue. Hij heeft in korte tijd veel theaters bezocht om naar voorstellingen te kijken. Uiteindelijk zijn in het eerste seizoen 45 voorstellingen gegeven. Zijn grootste angst was dat er bijna geen kaarten zouden worden verkocht, maar vanaf het eerste moment liep de verkoop van tickets als een tierelier. Sinds die tijd is het theater een dijk van een voorziening voor Stadskanaal en wijde regio.

Vader - hij werkte zich een slag in de rondte - had een goede relatie met de directeur van Philips en er werden in samenwerking met de personeelsvereniging verschillende acties bedacht om medewerkers van het bedrijf naar het theater te lokken. Dan moet je bijvoorbeeld denken aan een gratis kopje koffie.

Omdat het theater over een heuse toneeltoren beschikte, konden ook grote producties met alle toeters en bellen naar Stadskanaal worden gehaald. Zoals de musical Anatevka. De voorstelling werd in het tweede seizoen dertien keer geprogrammeerd en dertien keer waren alle stoelen bezet. Toch was het pleit beslecht, Stadskanaal was om en de inwoners hebben vanaf dat moment het theater omarmd.

Wim Kan en Wim Sonneveld

Mijn vader ademde Geert Teis Centrum en was altijd onderweg om voorstellingen te boeken. Om te netwerken. Theater was zijn lust en zijn leven. Hij had een prima relatie met onder meer de cabaretiers Wim Kan en Wim Sonneveld. Ze wilden alleen maar naar Stadskanaal komen, als ze konden logeren in Hotel Braams in Gieten. Zo niet, dan ging het niet door. Nee, Toon Hermans heeft nooit opgetreden in Stadskanaal. Blijkbaar was de afstand Sittard naar Stadskanaal te groot.

Als directeur heeft mijn vader - hij was altijd in voor een stunt - onbewust voor een flinke rel gezorgd. Operazangeres Christina Deutekom kwam optreden met het Noordelijk Filharmonisch Orkest. Als publiciteitsstunt werd ze met een helikopter naar Stadskanaal gebracht. Op het weiland naast het theater was een landingsplaats ingericht. Het zag zwart van de mensen, maar er kwam ook een verontrustend telefoontje van de verkeersleiding in Eelde dat de helikopter van het radarscherm was verdwenen. Eén en ander was blijkbaar niet goed gecommuniceerd, maar het is uiteindelijk met de mantel der liefde bedekt.

Klotsende oksels

Zelf heb ik ook veel uren doorgebracht in het theater. Maar dan achter de schermen. Als hulp van de toneelmeester werden uiteenlopende werkzaamheden verricht. Niet alleen voor aanvang, maar ook tijdens de voorstellingen. Zo stonden we bijvoorbeeld met twee man met klotsende oksels te sjorren aan de touwen om de decors te wisselen. Vandaag de dag is alles computergestuurd.

We hebben eerst aan de Maarsbroek gewoond, aan de rand van Stadskanaal. Later zijn we verhuisd naar de Irenelaan.

Mijn vader was directeur van 1968 tot 1985. Toen is hij op 59-jarige leeftijd overleden. Zijn werkzaamheden zijn voortgezet door neef Bé Lamberts, die toen voorlichter was van de gemeente Stadskanaal.

Na de Mulo aan de Engelandlaan, heb ik aan de MTS aan de Frankrijklaan bouwkunde gestudeerd. Ik wilde graag architect worden. Prachtige gebouwen ontwerpen, dat leek me wel wat. Het is er niet van gekomen. Ik liep stage op de afdeling Stadsontwikkeling in Amsterdam en ik ben na mijn studie in 1973 benaderd om stedenbouwkundig tekenaar te worden. Een dot van een kans die je in die tijd niet kon laten liggen.

Verhuisd naar de Bijlmermeer

Ik ben ik 1975 getrouwd met Hetty en we zijn verhuisd naar de Bijlmermeer in Amsterdam, de meest moderne wijk van het land. Hetty - we hebben twee zoons: Martijn en Eric - was badjuf van het Julianabad en werkte in de wintermaanden op het gemeentehuis. Zij kreeg gelukkig snel een baan op een belastingadvieskantoor.

We hebben altijd met heel veel plezier in de Bijlmermeer gewoond. We huurden daar een joekel van een flat. Zo groot dat zoon Martijn alle ruimte had om met zijn driewieler door de woonkamer te racen.

In 1977 ben ik begonnen met de HTS opleiding weg- en waterbouwkunde met specialiteit stedenbouw. Drie keer in de week reed ik 's avonds in de Fiat 127 naar Den Haag en ook op zaterdagmorgen.

Ontwikkeling wijk met 3500 woningen

Na het afronden van de opleiding zijn we in 1980 verhuisd naar Nijverdal in de gemeente Hellendoorn. Het forensendorp groeide als kool en als stedenbouwkundige heb ik een flinke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van een woonwijk met zo'n 3500 woningen.

Na de periode gemeente Hellendoorn heb ik nog verschillende andere werkzaamheden verricht. Zoals voor de Nationale Woningraad, de voorloper van Aedes Vereniging van woningcorporaties. Daarna de afdeling Ruimte en Vastgoed van Deloitte en ik ben directeur geweest van de woningcorporatie Thús Wonen in Dokkum. Verschillende woningcorporaties in een krimpregio met 37 kernen zijn toen samengevoegd tot één woningcorporatie. Verder was ik interim-directeur van een woningcorporatie in Nieuwleusen onder de rook van Zwolle.

In 2013 heb ik nog mijn Master Vastgoedkunde in de wacht gesleept. Daarmee is een sluimerende wens in vervulling gegaan. Niet omdat het moest, maar omdat ik het wilde.

Sinds vorig jaar augustus ben ik met pensioen.

Hospice voorziet in een behoefte

Op 18 december 2017 is het hospice Veen & Wolden in Stadskanaal geopend. Als voorzitter heb ik een bijdrage kunnen leveren aan een belangrijke voorziening in de Kanaalstreek en omliggende gemeenten. Het Tineke Breiderhuis is een bijzondere plek waar mensen in hun laatste levensfase in een huiselijke sfeer 24 uur per dag worden verzorgd en samen met hun dierbaren afscheid kunnen nemen van het leven.

Het hospice voorziet duidelijk in een behoefte want we hebben inmiddels al 29 gasten opgevangen. We kunnen maximaal drie gasten verzorgen en we hebben helaas wel eens 'nee' moeten verkopen. Omdat er geen plek beschikbaar was. Of we te zijner tijd gaan uitbreiden? De toekomst zal het leren. Na twee jaar gaan we evalueren. Vergeet niet dat uitbreiding van het aantal gastenkamers ook meer van de organisatie vraagt. We hebben nu twee coördinatoren en daarnaast kunnen we een beroep doen op vele tientallen zeer betrokken vrijwilligers. Meer gasten opvangen betekent dat nog meer helpende handen moeten worden gevonden. Er zijn al wel plannen om een serre te bouwen en ook staat het onderhoud van de tuin hoog op de wensenlijst. Overigens heeft ons hospice nooit vrijwilligers genoeg. Mochten mensen geïnteresseerd zijn, neem dan eens vrijblijvend contact op met het hospice; telefoonnummer 0599-213373 of kijk eens op www.tinekebreiderhuis.nl

Laat de kwaliteiten zien die we hebben

Samen met oud-studiegenoot en D66-gemeenteraadslid Klaas Pals, hou ik me ook intensief bezig met de toekomst van Stadskanaal. Vooral de kostbare vernieuwing van ons centrum baart me zorgen. Waar is de tijd gebleven dat iedereen in Nederland wist wat er in Stadskanaal te doen was? Er waren tijden dat er elke dag wel iets interessants over in de krant stond? Ook op de radio en tv was Stadskanaal regelmatig aan de orde. Ik ben bang dat veel mensen, en helaas ook onze bestuurders, zijn vergeten wat Stadskanaal wél allemaal te bieden heeft. We slapen langzaam maar zeker in, terwijl we in potentie heel veel te bieden hebben. Dat mag en moet niet! Wees actief, laat de kwaliteiten die we hebben zien. En vooral, vertel het. Er zijn anno 2018 pr-mogelijkheden genoeg. Maar dan moeten we het met zijn allen wel willen en vooral ook gaan doen. Dat is ook de reden dat ik samen met Klaas-Jan Havinga van de Handelsvereniging werk aan een opzet voor een Ondernemingsplan voor het centrum en de winkeliers. Zuidoost Groningen en Stadskanaal kunnen schitteren. Als ik daar een kleine bijdrage aan kan leveren, dan graag.


Auteur

Paul Abrahams Redacteur